Scène voor 3 spelers.
Er is een inspecteur die een misdaad moet oplossen. Er is een secretaris die verborgen hints geeft en een verdachte die een misdaad moet bekennen waar hij geen flauw idee van heeft, omdat hij naar buiten wordt gestuurd wanneer het publiek naar de aard van de misdaad wordt gevraagd.
En er is Boris. Boris is de gevreesde geest die in de kast zit en met wie de inspecteur de verdachte dreigt, mocht die niet bekennen. Boris is onzichtbaar, maar razendsnel en kan verdomd goed martelen. De verdachte kent Boris alleen van horen zeggen, maar is enorm bang voor hem.
De inspecteur moet nu door slim doorvragen bij de verdachte hem op het juiste spoor brengen, zodat hij een bekentenis kan afleggen.
De secretaris ondersteunt de inspecteur door hem of de verdachte bij te vallen en verborgen hints te geven die de misdaad specificeren.
Heeft de verdachte zijn misdaad geraden, dan bekent hij en is het spel afgelopen.