Een geweldig kennismakingsspel dat helpt om de namen van de deelnemers te onthouden.
De deelnemers vormen een kring. De eerste persoon zegt haar naam en maakt bij elke lettergreep van haar naam een gebaar.
Voorbeeld:
Peter. De naam Peter bestaat uit twee lettergrepen (Pe-ter). Peter maakt dus bij elke lettergreep een gebaar. Peter zegt "Pe" en stampt met één voet op de grond. Peter zegt "ter" en pakt met duim en wijsvinger zijn neus vast.
Iedere speler herhaalt dit patroon met zijn eigen naam. Hebben alle deelnemers gebaren bij hun lettergrepen gemaakt, dan begint de volgende fase.
Nu zegt een speler de naam van een andere persoon en maakt de gebaren die die persoon zelf bij haar naam heeft gemaakt. Daarna herhaalt die persoon haar eigen naam en eigen gebaren. Vervolgens roept zij zelf de naam van een andere persoon (en maakt daarbij natuurlijk de bijpassende gebaren).