De spelers staan in een krappe kring met gesloten ogen of kijken allemaal naar de grond. Nu wordt er in de groep hardop tot 21 geteld. Elk volgend getal mag spontaan door een willekeurige speler worden gezegd; er is geen vaste volgorde van spelers. Het kan gebeuren dat de getallen kort na elkaar worden gezegd, maar er kan ook een lange stilte vallen. Als twee of meer spelers tegelijk hetzelfde getal zeggen, moet er weer bij één worden begonnen.
Deze warming-up dient om de concentratie te scherpen en om een gevoel voor de andere leden van de groep te ontwikkelen.
Varianten
- In plaats van getallen kan de oefening ook met letters worden gedaan. Er wordt dan van A tot Z gespeld, of tot iedere deelnemer een letter heeft gezegd.