Zum Inhalt springen

Verhalen tegelijk vertellen

Een oefening voor twee spelers.
Beide beginnen tegelijkertijd met de eerste zin van hun verhaal.
Daarna vertelt speler 1 het verhaal van speler 2 verder door met de tweede zin van het verhaal van speler 2. Tegelijkertijd vertelt speler 2 met de tweede zin verder aan het verhaal van speler 1.

Speler 1: "Er was eens een klein lieveheersbeestje."
Tegelijkertijd zegt speler 2: "Het was Thomas' verjaardag en hij had zijn enige vriend uitgenodigd."

Vervolgens:
Speler 1: "Zijn vriend had hem als cadeau twee vliegtickets naar Mallorca gegeven."
Tegelijkertijd zegt speler 2: "Het lieveheersbeestje leefde samen met zijn broertjes en zusjes op een klein blad..."

Zo gaat het voortdurend heen en weer. De zinnen moeten zo kort mogelijk zijn, zodat het tegelijk vertellen in evenwicht blijft.

Deze oefening vereist goed luisteren en directe stellige uitspraken.

Om het makkelijker te maken, kan voor de verhalen een model worden gebruikt, zoals het drie-zinverhaal of vier-zinverhaal.