Zum Inhalt springen

Woordspel 1, 3, 5

Version 1 (von improwiki, 10.04.2026 11:41)

Aan dit spel doen drie personen mee. Onder hen worden de getallen één, drie en vijf verdeeld. In de nu volgende scène mogen de zinnen in de dialogen alleen de bijbehorende lengte hebben, d.w.z. de speler met "één" mag telkens een één-woord-zin zeggen, die met het getal "drie" alleen een drie-woorden-zin en die met het getal "vijf" moet altijd een vijf-woorden-zin zeggen. Meer dan één zin is in de betreffende dialoogbeurt niet toegestaan: voordat je weer mag spreken, moet eerst een ander iets zeggen. Terwijl de één- en drie-woorden-zinnen relatief eenvoudig zijn, heeft de speler met de vijf-woorden-zinnen het het moeilijkst. Hij zal soms langzaam, hakkelend en (op het tellen) geconcentreerd spreken. Desondanks proberen alle drie bij dit gagspel een enigszins zinvol verhaal tot stand te brengen.

Uiteraard wordt ook bij dit spel aan het begin een suggestie opgevraagd.

Je kunt eventueel uit het publiek teltoezichthouders aanwijzen, die de fouten kort melden (bijvoorbeeld door "möp" te zeggen) en de fouten per speler tellen, om de speler met de meeste fouten te bepalen — meestal zal de "vijver" de meeste fouten maken.

Tips en aanwijzingen