Deze partneroefening dient om de concentratie te bundelen en het hoofd vrij te maken door bewuste cognitieve overbelasting. Door verbale en fysieke impulsen te scheiden wordt het intuïtieve reactievermogen getraind.
Verloop en regels
Eerst wordt een gelijkmatig ritme vastgesteld, bijvoorbeeld door te klappen of ter plaatse te lopen. De oefening wordt in twee rollen uitgevoerd die elkaar impulsen geven en deze met vertraging verwerken.
De rolverdeling is als volgt:
Speler A geeft bij elke tel een nieuw woord. Tegelijkertijd moet deze speler het gebaar nadoen dat speler B bij de vorige tel heeft getoond.
Speler B geeft bij elke tel een nieuw gebaar. Tegelijkertijd moet deze speler het woord herhalen dat speler A bij de vorige tel heeft gezegd.
Tips voor de uitvoering
Het is belangrijk om in het begin een langzaam tempo te kiezen. Zodra het verloop stabiel is, moet de snelheid geleidelijk worden opgevoerd. De oefening bereikt haar doel wanneer de deelnemers de grens van hun concentratievermogen bereiken en fouten optreden.
Doorlopend oogcontact tussen de partners helpt om de verbinding te behouden en elkaar in het ritme te ondersteunen. Het doel van de oefening is niet perfectie, maar het accepteren van de overbelasting.